Met één van de partnerorganisaties heb ik nog geen goede afspraken kunnen maken. Deze beeldende kunst gallerie in de Oude Stad heb ik al meerdere keren bezocht, in periodes elke dag gebeld en tientallen e-mails gestuurd, maar iets concreets is er niet uitgekomen. Enkele maanden geleden had ik een gesprek met de directeur. Elke minuut ging zijn telefoon en mijn verhaal was dus waarschijnlijk te versnipperd om te kunnen beklijven. Vandaag dus een nieuwe poging. De directeur is wederom erg aardig. Hij lijkt al mijn plannen prima te vinden, maar een duidelijke respons blijft uit. Enkele keren wacht ik op een antwoord of reactie, maar het blijft bijzonder stil, al glimlacht hij wel vriendelijk. Wat moet ik er van denken? Is dit een beleefde afwijzing? Ik heb in ieder geval niet het gevoel dat ik zelf kan beslissen dat we het eens zijn en hun rol en bijdrage in het project kan gaan bepalen, dus ik blijf rustig verder praten en vertel een enorm verhaal over mijn avonturen in Japan. Dat had helemaal niets van doen met het project hier, maar hij leek geinteresseerd en de telefoon was even stil. Ook daarna lukte het me niet om ons gesprek in concrete samenwerking om te buigen, dus ik beslis dat het tijd is om weer op te stappen. Overmorgen spreken we verder…
‘s Avonds bezoek ik een toneelstuk in een uitverkocht Nationaal Theater. Het is een indrukwekkend stuk over twee broers en een onmogelijke liefde. Het speelt zich af in 1948 tijdens de etnische zuiveringen na de onafhankelijkheidsverklaring van Israël. Hoewel dat even lang geleden is als WO II voor een Nederlander, is dit voor een Palestijn geen verhaal of geschiedenis, maar iets dat nog steeds voortduurt en zijn dagelijkse realiteit bepaalt.
No comments:
Post a Comment